De winterperiode … Koude windvlagen en temperaturen die ‘s nachts onder het vriespunt duiken. We ontsnappen er dan ook niet aan — ijs krabben voor je de weg op kan. Bijna iedereen kent wel een trucje om tijd te besparen. We geven je enkele do’s-and-don’ts mee.

Gepubliceerd op
Gepubliceerd door
Hugo Thonnon
3 minuten

Do’s

  • Gebruik een goede ijskrabber met rubberen rand, en liefst eentje met handschoen. Je handen zullen je dankbaar zijn!
  • Gebruik antivriesmiddel voor het krabben. Dat vind je terug in de supermarkt, doe-het-zelfwinkel of een auto(speciaal)zaak.
  • Beslagen ruiten? Gebruik de warme lucht van je wagen om ze te ontwasemen. Zo verdwijnt de luchtvochtigheid op je ruit het snelst. Lees hier alle tips.

Lees verder onder de afbeelding …

Don’ts

  • IJs smelt bij hogere temperaturen. Gebruik echter nooit warm water om je voorruit te ontdooien. Door het plotse temperatuursverschil kan je voorruit barsten.
  • De voorruit besproeien met de ruitenvloeistof van je wagen en vervolgens de ruitenwissers in te schakelen, da’s niet alleen weinig effectief, maar ook nog eens zeer slecht voor je ruitenwisserbladen.
  • Krab nooit met een metalen ijskrabber — dit beschadigt je voorruit.
  • Leg nooit een krant of kartonnen plaat op je voorruit. Die blijven kleven, en zo verlies je ‘s ochtends nog meer tijd.
  • Laat de motor niet stationair draaien. Dan vordert het motormanagement immers een zeer rijk brandstofmengsel. Bij benzinemotoren betekent dit aanslag op je gasklep, terwijl dieselmotoren last krijgen van opgestapeld roet. Je vervuilt dus de interne delen van je motor, waardoor die sneller verslijt. Trouwens — de motor is pas warm gedraaid na enkele kilometers rijden. Vertrek dus alvast, maar houd een rustig tempo aan.

Lees verder onder de afbeelding …

Voorkomen is beter dan genezen

Vermijd een hoop gedoe en neem de avond voor je vertrek al enkele preventieve maatregelen.

  • Plaats een autozeil op je voor- en achterruit. Zo’n zeilen vind je bij je garagist of een naburige doe-het-zelfwinkel. Of schakel een versnelling hoger en ga meteen voor een autohoes die je wagen volledig bedekt.
  • Lifehack — leg een in zout water gedrenkte en goed uitgewrongen doek op je ruiten. Reken een soeplepel zout per liter water. Werkt ook — een mengeling van water en azijn.
  • Trek spiegelkousen over je zijspiegels. Plastic zakjes of diepvrieszakjes klaren de klus ook. Maak ze vast met een elastiekje, maar vergeet ze voor je vertrek niet te verwijderen.
  • Vermijd dat je ruitenwissers tegen de voorruit plakken. Hef de wissers voorzichtig op en leg er een wijnkurk of een stukje karton onder. Zo raakt het rubber de voorruit niet meer.
  • Gebruik je nog een sleutel om je portier te openen? Bescherm het slot dan met kleefband.
  • Parkeer je wagen in de richting van het oosten. Wanneer de ochtendzon komt piepen, warmt je wagen al een beetje op. In het holst van de winter plaats je je wagen best in een garage of onder een afdak of carport.
  • Vul een oude sok met kattenbakkorrels om aandamping vooraan in de wagen te vermijden. Leg er een knoop in en plaats de stoffen worst onder je zetel of op het dashboard. Na enkele dagen is het verschil al goed merkbaar.

Zo, je wagen is startklaar!

Gratis advies?

Of gebruik ons contactformulier.